De stap naar de middelbare school

Snel zetel ik me op een vrije stoel, voor in de klas, vlakbij de leerkracht.

Mijn gedachten gaan terug naar zeven jaar geleden. Toen ik ook voor in de klas zat, maar dan op een piepklein stoeltje met aan mijn rechterhand de poppenhoek. Vol hoop zat ik daar. Eindelijk zou mijn peuter naar de basisschool gaan. En oh, hij was eraan toe. Maar vooral was ik eraan toe. De jongen kon zich thuis absoluut niet meer vermaken, op de peuterspeelzaal was hij al maanden ‘klaar’ en ik wist ook niet meer wat ik met hem moest. Ik zag zelfs op tegen de zes weken zomervakantie, hoe zouden we die doorkomen?

Daarna zou alles echter anders worden. Zo hadden ze me op de peuterspeelzaal, op het consultatiebureau √©n op deze basisschool verzekerd. Ja, ons kind was slim en hij had uitdaging nodig. Het woord ‘hoogbegaafd’ was al een paar keer gevallen. Op de basisschool zouden de leerkrachten hem de uitdaging kunnen bieden die hij op de peuterspeelzaal zo miste de laatste maanden. Hij zou oudere kinderen tegenkomen waarmee hij contact zou maken en het zou helemaal goed komen. Want slimme kinderen, daar wisten ze wel raad mee op de basisschool..

Onderpresteren

Na een paar maanden leek ons kind toch niet zo slim meer. Misschien was hij toch gewoon normaal? Vanuit mijn eigen verleden wist ik dat hoogbegaafd zijn niet makkelijk is, dus ik was er wel blij mee. Dat hij thuis wat baldadig werd en moeilijk hanteerbaar, dat nam ik op de koop toe. Dat was vast de leeftijd, in combinatie met het wennen aan de school. Echt moe zoals andere kinderen was hij ook al niet na een schooldag, integendeel, dan ging hij helemaal los.

Dat lag misschien aan thuis, zo dacht de juf. Want op school was hij een engeltje. Lief, rustig en heel erg gemiddeld. Werkjes ging hij graag uit de weg, ook al gaf ik aan dat hij die werkjes wel zou kunnen, hij deed ze niet. En dat hoefde ook niet van de juf, de kleutertijd moest natuurlijk wel leuk blijven.

En nu…

Het bleek een lange weg naar groep 8, vol met onderpresteren, een IQ-test, een plusklas, een faalangsttraining, bezoeken aan orthopedagogen en kindercoaches, dyslexie-onderzoek en heel veel boze buien. Buikpijn, aversie voor school, gesprekken, een versnelling, nog meer gesprekken.

Nu zit ik hier, met goede hoop, voor in de nieuwe klas van de middelbare school. Want ook al is mijn zoon pas 10, weer is hij toe aan de volgende stap. Hij, en ik ook. Zal deze school hem de leerstof bieden die hij nodig heeft? Zal hij eindelijk met plezier naar school gaan?

We hebben gekozen voor een Dalton school. Een school die niet per se veel kennis heeft van hoogbegaafdheid, maar waarvan de manier van werken ons enorm aanspreekt. Mijn zoon heeft er zin in, als hij daar rondloopt voelt hij zich er thuis. Ik hoor goede en minder goede verhalen over deze school. Soms twijfel ik aan de keuze. Zal het niveau wel hoog genoeg zijn? Gaat hij niet onderpresteren? Blijft hij gemotiveerd? Ach, kon ik maar in een glazen bol kijken.

Wat hebben we een lange weg afgelegd de afgelopen zeven jaar, en wat heb ik veel geleerd. Maar vooral heb ik geleerd op mijn gevoel te vertrouwen. Mijn geloof in zijn hoogbegaafdheid, in het feit dat een versnelling nodig was, mijn vasthoudendheid, heeft ons gebracht waar we nu zijn. Het gaat nu goed, en het gevoel over deze middelbare school is ook goed. Er kan weer van alles op ons pad komen, maar we zijn er klaar voor.

Op naar een nieuwe fase!

Lisette de Bruijn

 

Delen mag!
Facebook
Facebook
Twitter
Visit Us
LinkedIn

Laat een Reactie achter